DE REALITEIT VAN DE STRAAT 

Extreem-rechts en arme mensen

(volledige tekst)


KAREL STAES

Geef uw mening over dit artikel

Eén dag na de eens te meer zwarte en zwaar wegende verkiezingsuitslag van 8 oktober jl. was ik uitgenodigd op een denderend startmoment in Vlaams-Brabant van ‘Welzijnszorg’, de jaarlijkse adventscampagne tegen de armoede. De animatrice riep ons enthousiast op niet toe te geven aan de ontmoediging nu extreem rechts weer winst binnenhaalde. De hele verdere avond draaide rond de strijd tegen de armoede, zoals achterstellingsproblemen, uitbouw van sociale werkplaatsen, een leefbaar vervangingsinkomen, en zoveel meer! Maar plots schoot het mij te binnen als een steekvlam: Weet deze aantrekkelijk strijdlustige vrouw, weet deze ontroerende, overvolle zaal dat de mensen, voor wie ze opkomen in niet geringe mate... Vlaams-Blokstemmers zijn?

Heel wat links georiënteerde, strijdende intellectuelen roepen steeds meer op tot verdraagzaamheid en hangen als eersten aan de alarmbel bij vooruitgang van het Blok, terwijl degenen, met wie zij zich solidair denken (wanen?)... veelal de kant van het Blok kiezen!

Wat is er aan de hand?, vroeg ik mezelf af. In een flits zag ik me in een ándere zaal zitten, nu meer dan dertig jaar geleden. Aan het woord was Pol Gijsels, de BRT-presentator van o.a. het programma 'van Pool tot Evenaar'. Hij had het - toen al! - over een meer rechtvaardige wereld en over herverdeling... en in een heilige furie riep ik hem toe dat-het-een-kwestie-van-moeten-aan-het-worden-is... ánders-zullen-die-van-het-Zuiden-het-wel-komen-halen!, waarmee de toen eveneens ontroerde zaal het roerend eens bleek!

Migranten hebben de wereld veranderd

Ondertussen zijn ze gekomen, de migranten. Wij hebben inderdaad pijnlijk begrepen - maar nog veel te weinig toegepast! - dat elk probleem, van welke aard ook, op wereldniveau moet gesteld en behandeld worden.

De migrant vestigde zich aan onze achterkant... in wijken waar het goedkoop ‘wonen’ was en is. Aanvankelijk woonde hij waar hij werkte: bij de koolputten, de ondergrondse metrowerken, de bouwwerven enz. Tegelijkertijd verliet het jonge, Vlaamse gezin de stad, niet omdat de migrant kwam, maar omdat het buiten beter wonen was, consequent met het welvaartsdenken. Ondertussen verkommerden de oude woonbuurten en werden de woonkansen van de migranten groter. Uiteindelijk bleef de oudere volkse mens samen met het arme gezin stilletjes achter. (In het oude Borgerhout bijvoorbeeld komen enkele jonge gezinnen terug en zetten bloembakken en bruidsluiers voor de gevel, tussen de allochtonen... maar dit is vooralsnog uitzonderlijk.) Globaal is het ‘beruchte’ straatbeeld echter grondig gewijzigd en een overwicht aan migranten roept duidelijk vervreemding op bij de achtergebleven bevolking: taal, gedrag en soms kledij bevestigen de aanblik van een veranderde wereld. Jonge migranten - vooral de werklozen onder hen - geven in de emotie van de kleine mens veelal een bedreigende indruk... mee om de eenvoudige reden dat er haast geen andere jongeren meer zijn! Voeg daarbij dat heel wat van deze jongeren thuis niet meer welkom zijn, van zodra ze in aanraking komen met ‘de openbare orde’, overeenkomstig eigen cultuurpatronen! In de openbare welzijnscentra (OCMW) en in de andere openbare voorzieningen voor sociaal dienstbetoon zitten nu migranten en de mensen van bij ons ‘zij aan zij’ en dit in een niet te miskennen afstandelijkheid. Nadien hoor je de emoties oplaaien: Die gaan met de auto naar de dop! (werkloosheidsuitkering) en die hebben vele kinderen (ze zeggen het ánders!) en zo krijgen ze kindergeld uit onze kas van kindervergoeding. Of: Die hebben dikwijls meer centen dan wij! Deze en andere uitroepen klinken grof, erg zwart-wit, enorm overtrokken en veralgemeend, ontdaan van alle logica. Ze bloeien niettemin rijkelijk... omdat er een diepe kern van waarheid in zit, al is die waarheid eerder een subjectieve waarheidsbeleving: een werkelijkheid, die als dusdanig wordt aangevoeld, op gang gehouden door de emoties van angst, onwennigheid en vervreemding.

"… dat het nooit voorbij zou gaan"

Uit contacten met oudere kerkgaande katholieken maak ik een duidelijke afwijzing op van alles wat vreemd is (dus niet alleen van vreemde mensen!). Ze schelden op "die vreemdelingen en geen mens is nog ergens veilig...", terwijl ze bij de Turkse bakker goedkoop brood halen. Deze mensen hebben hun wijken ooit fleurig en welvarend gekend en "de heraanpak van straten en pleinen met hier en daar minieme groenvoorziening" komt wel wat laat, hoe deugddoend ook. In feite beleven deze oud-geworden mensen op het einde van hun leven een geheel ándere wereld, de wereld die zichzelf aan het vormen is, terwijl zij met hun herinneringen – "ze dachten dat het nooit voorbij zou gaan" zong wijlen Wim Sonneveld - langzaam maar zeker hun eigen sterven in de ogen kijken. Migranten maken hen ervan bewust dat hun vroeger, veilig leven, waarin alles vaststond, voorbij is... eenvoudig omdat ze in de avond van hun leven zijn. Dus zien ze de gekleurde medemens als een soort symbool, als de onheilsbode van hun eigen steeds korter wordende toekomst. De migrant is de vreemde maansikkel, die de nacht aankondigt. En bovendien kom je best niet met een opzichtige handtas buiten op straat!

De verbeelding op hol

Maar de arme gezinnen hebben nog het meest met de migranten te maken. Ze zitten naast, boven en onder elkaar. Hun kinderen spelen samen en groeien samen op, wat voor de ouders een volkomen nieuw avontuur is. Dit avontuur valt eens te meer bedreigend uit voor de arme mens. Hij moet nu tijd, ruimte en sociale ondersteuning delen met de migrant, die een groter aantal vertegenwoordigt. Arme mensen hebben steeds overleefd in een houding van wantrouwen en van schuwe (en sluwe) voorzichtigheid. Ze zijn niet "uit de boot gevallen", ze zaten er nooit in... en dus is elke nieuwkomer, "die naar een boot zoekt" een potentiële tegenstander. Bovendien begrijp ik zijn gedrag en taal niet, laat staan zijn wijze van denken en doen. Met dié mens moet ik in dezelfde buurt overleven! Het verschil wordt nog duidelijker in de clan- en familievorming van de migrant, die alleen daardoor al sterker in het leven staat, dan de arme mens in zijn wankel gezin.(Alhoewel de jongeren hen ook ontglippen, dikwijls niet meer welkom zijn en zwerven, maar dan nog is er de sterkte van de jonge groep!) Het arme gezin is nauwelijks bij elkaar te houden en er is een voortdurend vluchten en zoeken naar nieuwe relaties.

Overal, maar vooral in de achtergestelde wijken en buurten, is twijfel aan het rijzen, onzekerheid, angst en wantrouwen én daarmee groeit het algemene onvermogen tot sociaal contact (in onze, zich afschermende trend achter het scherm). Voldoende voedingsbodem dus voor het Vlaamse Blok om de oude recepten toe te dienen: de angst opdrijven, valse veiligheidsgevoelens oproepen door gewelddadige schijnoplossingen, machotaal verspreiden, ononderbroken veralgemeningen rondstrooien, feiten uit de context halen of verdraaien, de verbeelding op hol jagen... Ooit drukten ze in hun propagandabrochure een klassieke moskee (met koepel!) af in een volkswijk... handig over elkaar getrukeerde foto's!

Doofheid

Maar het meest irritante is dat het Blok haar aanvankelijk juiste vaststellingen dermate interpreteert dat ‘dooddoeners’ oplossingen schijnen voor de opgejaagde en verontruste mens. Het Blok vertrekt doorgaans van de wérkelijkheid en dat wordt wel eens vergeten. Maar wanneer het vergrootglas wordt bovengehaald, zijn we al een stap verder. Tot we in een spiegelpaleis belanden, waarin alles wordt vervormd, tot de emoties toe. Dat hoort bij de strategie, net zozeer als de zogenaamde oplossingen.

Hoe is het zo ver kunnen komen? Omdat de tijd er rijp("rot") voor was. Zelf een goede tiental jaar actief in de beheerraad van het Antwerpse Opbouwwerk, hoor ik nog altijd de afgevaardigde uit Borgerhout (toen al gemeenzaam ‘Borgerocco’ genoemd) hartstochtelijk uitroepen: "Wanneer gaan jullie, progressieve intellectuelen, nu eindelijk eens inzien dat verdraagzaamheid en strijd tegen racisme begint bij het ernstig nemen van de autochtone bevolking?" Hij bedoelde exact wat hij zei. De oude stad en de randstad verloederde, de achtergebleven bevolking voelde zich in de steek gelaten en nauwelijks of niet gehoord, het gevestigde college van burgemeester en schepenen bleef veilig en corrupt geïnstalleerd in een oude coalitie van socialisten en christen-democraten, verkrotting en verarming van wijken en buurten gingen gewoon door. De eigen bevolking die het nog kon, verliet de verkommerende stadswijken. Daarna kwamen de zwarte verkiezingsuitslagen van 1991 en 1994!. Stilaan groeide de sombere illusie dat "extreme oplossingen de juiste zijn" en "repressief optreden" de burger veilig stellen en de menselijkheid redden. Met zijn allen hebben we toen weinig of niet gezien dat de zwarte verkiezingszondagen het trieste antwoord waren op een jarenlange doofheid voor eender welke klacht.

Glittergeluk

Dit is het einde, of het failliet van een lange weg. We vergeten soms waar die weg begonnen is: met schuin of scheef te lopen. In de gouden zestigerjaren hebben we onze welvaart en ons ‘glittergeluk’ overmoedig uitgebazuind tot ver na de oliecrisis van 1974. Ondanks allerlei grote en kleine signalen dat de welvaartsroes ons met zware hoofdpijn achterliet, zijn we in steeds sneller tempo de "zevende tuin van Allah ingezweefd": van kopen, verkopen en publiciteit maken voor deze twee. ‘Consumptie’ werd het toverwoord, ‘overconsumptie’ de kanker. Wat niet groter kon worden, moest kraken. Wij hadden het geluk te koop in alle maten en gewichten.

Is het dan te verwonderen dat het Zuiden is komen kijken? Ze komen eindelijk terughalen wat wij eeuwenlang bij hen leegroofden!

De migrant is verblind door de schittering van ons klatergoud. Vooral ons audiovisueel speelgoed is ‘hartveroverend’. Ik zie ze alle dagen in het Aldimagazijn hun karretjes vullen met snoep- en andere consumptierommel, waarvoor ‘de bewuste burger’ de neus ophaalt.

Wat wij vroeger afstandelijk ‘het vreemdelingenvraagstuk’ noemden, eenvoudig omdat wij het ‘effe’ gingen oplossen, is nu een bijna onontwarbaar kluwen geworden omdat we niet eerlijk leerden luisteren naar de kleine mensen, die we nu in Welzijnszorg- en andere kringen, ‘achtergestelden’ leerden noemen, uitgesloten mensen, enz. Onthaaltehuizen spreken al jaren van het ‘residu’ en daarmee bedoelen ze het ‘menselijk overschot’ dat niet reclasseerbaar is en steeds terugkeert naar de hulpverlening. Sommige armoedevorsers hebben het zelfs over ‘inframarginalen’. Mensen kregen meer namen dan aandacht...

Bange blanke man

De migratie van het Zuiden naar het Noorden weegt op de arme mensen van het Rijke Noorden, op hen, die er zich weinig of niet hebben op voorzien. Arme mensen van Noord en Zuid werden langzaam maar zeker in hetzelfde verdomhoekje geduwd.

Wanneer ze mij vragen wat te komen vertellen over arme gezinnen ‘van bij ons’, over hoe zij denken en voelen, stel ik wel eens dat deze arme gezinnen géén minderheid vormen als je ze optelt bij hun zussen en broers van de derde wereld. In die zin vervoegen de armen van bij ons de overgrote meerderheid van de wereld.

En uiteindelijk dreigen we nu de arme én de achtergebleven volksmensen van bij ons aan te wijzen als onverdraagzaam, bekrompen en kortzichtig omdat zij moeilijk wennen aan hun demografisch veranderende huizen, buurten en wijken. Hoor je ze roepen, onze progressieve intellectuelen van allerlei slag? Ze hebben het ononderbroken over solidariteit en over multicultureel samenleven... en ze hebben natuurlijk gelijk... maar hun oproep zou van meer realiteitszin getuigen, moesten ze meer van dichtbij verbonden leven met en in de nabijheid van de doodgewone mens, die alle dagen leeft met een veranderd wereld- en straatbeeld en wiens leven grondig door elkaar is geschud. Ik heb teveel welvaartsjongeren ontmoet, in heel ándere middens opgegroeid en afgestudeerd, die hun voorgekauwde prestatiemodellen in projecten uittekenden en toegepast hebben in buurten en wijken, waarin zij alleen maar vergaderden en discussies wisten op te zetten over de onderlinge subsidieverdeling.

De racistisch klinkende klacht van ‘Janneke’ en ‘Mieke’ in de straat wordt door extreem rechts misbruikt en door de goedbedoelende intellectuelen voorzien van de bordjes ‘taboe’ en ‘verboden toegang’ – ‘niet gehoord’. In feite weet men er vanuit een eigen christelijk of algemeen humanistisch verleden gewoonweg geen raad mee. Een fris en enthousiast strijdkoor zingt uiteraard het Willem Vermandere-liedje van de "bange blanke man", en het doet deugd het te horen. Maar tegelijkertijd denk ik aan ‘Janneke’ en ‘Mieke’ in de achterstraten. Die gaan alle dagen de confrontatie aan met een nieuwe, niet zo gemakkelijke wereld. Heel wat zangers… zingen er alleen maar over.

Bange mensen misbruiken als politiek pasmunt is het andere uiterste. De realiteit van de straat ligt ergens tussen de twee.

Gekooide leeuw

Ik vergeet het beeld niet. Een zelfstandige uit mijn kennissenkring is half in de dertig. Hij voert een schitterende zaak in een ‘donker’ geworden wijk, waarin hij heel wat miljoenen investeerde. De gevel is van glas, je gaat de winkel binnen tussen twee grote uitstalramen, die pronken met televisie-, radio-, video- en andere weet-ik-veel-toestellen. Als het donker is geworden komen jonge migranten er onderling hun ‘spul’ (drugs) verhandelen: achter en tussen overdadig glas zien zij op tijd dreigende onraad. Soms wordt tegelijkertijd één en ander meegejat. De zaakvoerder loopt als een gekooide leeuw langs het glas heen en weer. Elke migrant, die zich dichtbij waagt, riskeert een klauwende leeuwenpoot van de bange, hardwerkende Vlaming.

Zo stalt het Rijke Noorden zijn heerlijkheden uit, waarvan het zichzelf verplicht de bewaker te zijn. Een schitterend symbool... 

Het TGL nummer waarin deze tekst verscheen kan hier besteld worden


Bekijk reactie(s) op dit artikel
Bekijk reacties


Reageren op bovenstaand artikel kan door onderstaand formulier in te vullen en op de knop verzenden te klikken.
Indien gewenst, wordt uw reactie anoniem op de website geplaatst (als u het vakje "Graag anoniem" aankruist). We vragen wel je bekend te maken aan de TGL-redactie door het vak "Naam" in te vullen.


Geef uw mening over dit artikel

Naam :

Graag anoniem

Emailadres :

Geef eventueel een titel aan uw reactie :

Tik hier de tekst van uw reactie :