DE RUIMTE VAN DE VRIJHEID
(tekstfragment)
| LEONARDO BOFF en MARCELO BARROS |
Interview: Luc Vankrunkelsven
Leonardo Boff: "Bevrijdingstheologie is ontstaan in de context van de militaire dictaturen in Latijns-Amerika en vanuit de verontwaardiging om wat de meerderheid van de bevolking - de armen - wordt aangedaan. De grote tegenstellingen blíjven, onze maatschappijanalyse blíjft centraal vanuit de verarmden vertrekken, al is de context serieus veranderd. Boaventura de Sousa Santos van de universiteit in Coïmbra stelde op het congres terecht dat verzet organiseren simpeler was, als je temidden van openlijk fascisme leeft. Hij beschreef hoe het heersende fascisme onder democratisch bewind moeilijker te ontmaskeren valt. Nu is niet zozeer de staat fascist. De staat is wel agent van de privatisering van bijvoorbeeld water. Boaventura lanceerde die ochtend in Porto Alegre het idee, dat we temidden van vijf monoculturen leven: 1) die van de wetenschappelijke kennis, die alle andere alternatieve weten en wijsheden vernietigt; 2) van de onmiddellijkheid en het lineaire tijdsdenken; 3) de hiërarchieën; 4) de zogenaamde universaliteit van het Westen; 5) het dictaat van het productivisme, bijvoorbeeld in de landbouw." Marcelo Barros: "De bevrijdingstheologie is minder zichtbaar dan in de zeventiger en tachtiger jaren, maar ze werkt wel degelijk dóór. Ik denk dat bevrijdingstheologie nu onder andere vormen voorkomt. Bijvoorbeeld in de theologie van de índios, een theologie die indertijd niet bestond. We hebben daar vier ontmoetingen rond gehad op Latijns-Amerikaans niveau. Het is nu erg ontwikkeld, wat in 1990 niet het geval was. Hetzelfde geldt voor de feministische bevrijdingstheologie met mensen als Ivone Gebara. In dit (eco)feminisme zijn de ecologische crisis en een nieuwe spiritualiteit mee opgenomen. Onderdrukking van vrouwen en uitbuiting van de natuur lopen parallel: het patriarchaat t.o.v. de vrouwen en het antropocentrisme t.o.v. de natuur. Maar het gaat niet om de (eco)feministische salontheologie in de eerste wereld. Tenslotte is er de zwarte theologie.
Deze drie takken werken nu vanuit de bevrijdingstheologie samen met de theologie van het religieus pluralisme. De drie takken kunnen niet naast elkaar werken, want er zijn bijvoorbeeld zwarte vrouwen en ook de candomblé en de inheemse volkeren hebben ons heel wat te vertellen over ecologische spiritualiteit. Ik ben zelf lid van de Oecumenische Associatie van derdewereldtheologen (ACETT), opgericht in Dar Es Salaam, Tanzania, in 1967. Deze associatie verenigt theologen van Afrika, Azië, Latijns-Amerika en zwart Noord-Amerika. Ze organiseerden in 1981 een grote en belangrijke bijeenkomst in São Paulo met kardinaal Arns. Maar na de aanvallen van het Vaticaan vanaf 1985 was de ACETT een beetje dood achtergebleven, want ze kreeg geen steun meer van de bisschoppen en had geen contacten met de basis, met de plaatselijke kerken... tot in 2001, een maand na 11 september. We vonden elkaar in Quito. Daar hebben we de zichtbaarheid van de ACETT hersteld. Luiza Tomita (São Paulo), José Maria Virgil (Panama) en ikzelf vormen de theologische commissie voor Latijns-Amerika van ACETT. We zijn begonnen met een reeks van vijf boeken. Twee zijn al klaar, een derde is op komst. Er is ook een werkgenootschap van kerkhistorici (CEHILA) met mensen als Eduardo Hoornaert. Zij werken al meer dan twintig jaar en lezen de geschiedenis van Latijns-Amerika vanuit de onderdrukten. Je kan dus niet zeggen dat de bevrijdingstheologie dood is."
De integrale versie is te lezen in TGL
2005/2
Op 1/5/05 zond radio Klara (VRT) ook een interview uit met beide
bevrijdingstheologen. U kan de tekst beluisteren op de Klara-site
(onder 'Rondas' op 1/5/05)
Reageren
op bovenstaand artikel kan door onderstaand formulier in te vullen en op de knop
verzenden te klikken.
Indien gewenst, wordt uw reactie anoniem op de website geplaatst (als u het
vakje "Graag anoniem" aankruist). We vragen wel je bekend te maken aan
de TGL-redactie door het vak "Naam" in te vullen.