Extreem-rechts - 8 oktober 2000
11/10/2000
Didier Vanderslycke
[email protected]
Aangezien onrust en ontmoediging slechte raadgevers zijn moeten er meteen en zonder aarzelen een aantal maatregelen genomen worden om de verdere insijpeling van het extreem-rechts en racistisch gedachtengoed te keren. De analyse van de opgang van dit fenomeen brengt ons immers bij verschillende oorzaken.
Er zijn de sociaal-economische factoren die bij vele bevolkingsgroepen zorgen voor huizenhoge frustraties en samenlevingsproblemen. Buurtontwikkeling en renovatie zijn daar op hun plaats, maar ook een specifieke en verscherpte aandacht voor bijv. de tewerkstelling van allochtone jongeren in het bijzonder en de laaggeschoolde werklozen in het algemeen. Zij blijven uit de boot vallen. Zij blijven het slachtoffer van uitsluiting omwille van huidskleur én van een slechte opleidingspositie op de arbeidsmarkt. Naast hen en met hen vinden we mensen met een mensonwaardig inkomen. Mensen die aan de samenleving een grote desillusie overhouden en terecht meer eisen. Zij hebben geen vermogen om uit te putten. Wie niet meer meetelt protesteert op vele manieren om gehoord te worden en minimaal te bestaan.
Bij de bevolkingsgroepen die welgesteld door het leven gaan is er een welvaartsreflex. Sommigen onder hen willen zich nu vooral beschermen, voor zich houden, niets uit handen geven. Sommigen leven met een gevoel van permanente bedreiging dat ze morgen alles kwijt zouden kunnen spelen. Financieel en materieel. Hun onveiligheidsgevoel vertaalt zich niet alleen in de aansluiting bij een alarmcentrale maar ook in een stem op een partij die de ‘veilige buurt’ predikt. Wij weten dat dit gevoel moeilijk te keren is, want het is het bijprodrukt van het ‘veel-bezitten’. Meer blauw op straat zal daarbij niet helpen. Het terugdringen van de dualisering in de samenleving en het opnieuw ‘leren leven met minder’ zijn de echte remedies.
Maar er is vooral een weerbarstig cultureel racisme. Wij hebben het heel moeilijk met het aanvaarden van en het omgaan met de culturele en religieuze diversiteit die onze levensrealiteit is. Het ontbreekt de Vlaamse Gemeenschap aan een pedagogisch project naar kinderen, jongeren en volwassen, dat langs onderwijs, jeugdwerk en volwassenvorming deze realiteit toont en bespreekbaar maakt. Het ontbreekt ons aan een pedagogisch project dat van deze diversiteit een win-win situatie kan maken. Het ontbreekt ons aan lef om de thematiek van het ‘alledaags racisme’ ernstig aan te pakken. Er zijn nog teveel burchten van witte werknemers en kaderleden. Méér dan ooit moet dan ook werk gemaakt worden van een intercultureel beleid. De Vlaamse Gemeenschap en alle overheidsinstellingen kunnen nu niet anders dan investeren in dat beleid. Niet alleen dus in het ‘inburgeringsbeleid’ voor de nieuwkomers. Immers, ook ‘Vlaamse’ mensen moeten ondersteund worden in hun ‘inburgering’ in de Vlaamse diversiteit. Dat gebeurt niet zomaar. Daartoe dient de Vlaamse Gemeenschap over te gaan tot de oprichting van een Vlaamse begeleidingsdienst voor Intercultureel beleid. Zo’n dienst zou het kader kunnen bieden voor de ondersteuning van het noodzakelijke intercultureel vormingswerk en tegelijk de instellingen van de Vlaamse Gemeenschap begeleiden in het intercultureel management.
En tenslotte : laten we ook komaf maken met het drentelen rond het gemeentelijk stemrecht voor migranten. Er kan nu geen enkel motief meer zijn om daarrond een nieuwe discussieronde te starten. Laat ons dat politiek racisme opheffen. Zoals we ook – zonder mildheid – racistische (pers)misdrijven moeten durven aanklagen en berechten.
Didier Vanderslycke namens Kerkwerk Multicultureel Samenleven