Licap homepage
Zoeken
Login
Wachtwoord vergetenn
Wachtwoord vergeten close

Nummers

Zuurzoet.
Zuurzoet. Over cynisme en hoop.
November 2005

Wat doe je ermee als je enkel nog zuur mag, kan of wil zijn? Als de mensen waarmee je in aanraking komt het zoete in de dingen niet (kunnen) zien? Hoe blijf je dan zelf overeind? Kan vertrouwen hersteld worden, kan hoop binnengebracht worden? Ontken je wat is, of roep je op tot wat kan zijn? Speelt religie hierin een rol, of is dat net religie? Allemaal vragen die aan bod kwamen op de Jeugdpastorale Dagen 2005. Met deze themakatern brengt TGL daar ‘verslag’ van (met uitzondering van de bijdragen van B. De Vroey, M. Merkx en J. Schreurs).

€ 7,95
Tijdschrift
nummer 6 / 2005
Hoofdredacteur: D'hert, Ignace

Art.Nr. 20056
Korte inhoud van dit nummer
Zuurzoet

Zouden ze gelukkig zijn, de mensen om me heen, vraag ik me wel eens af... de schouders naar beneden, blik op oneindig, onverschillig, hollend van het een naar het ander, opgejaagd.

Zouden ze gelukkig zijn, de mensen om me heen, vraag ik me wel eens af... fonkelende lichtjes in de ogen, verwonderd en aangesproken door wat op hun weg komt, geraakt door menselijk lijden, ogen en oren open, uitgedaagd tot wereldwijd engagement.

Wat doe je ermee als je enkel nog zuur mag, kan of wil zijn? Als de mensen waarmee je in aanraking komt het zoete in de dingen niet (kunnen) zien? Hoe blijf je dan zelf overeind? Kan vertrouwen hersteld worden, kan hoop binnengebracht worden? Ontken je wat is, of roep je op tot wat kan zijn? Speelt religie hierin een rol, of is dat net religie? Allemaal vragen die aan bod kwamen op de Jeugdpastorale Dagen 2005. Met deze themakatern brengt TGL daar ‘verslag’ van (met uitzondering van de bijdragen van B. De Vroey, M. Merkx en J. Schreurs). De redactie dankt de Interdiocesane Jeugddienst en het VSKO voor de prettige samenwerking bij de organisatie van deze vormingsdagen.

De kracht van het komische. Over cynisme, humor en spiritualiteit Taels, Johan

Het komische is een enorme kracht. Het kan zowel negatief als positief werken; bevrijdend of ontmenselijkend zijn. Nu ligt het voor de hand om cynisme eerder te verbinden met de destructieve kracht van het komische en humor met de bevrijdende kracht ervan. Dit is, denk ik, terecht. Maar toch wil ik dit nuanceren: niet elke cynische opmerking of grap is destructief, niet elke humoristische uitlating bevrijdend.

Ik wil dit verder uitwerken in drie bewegingen. Vooreerst ga ik op zoek naar het onderscheid tussen mensen en dieren. Vervolgens wil ik het hebben over de consequenties van de dominantie van het komische in onze cultuur. Om te eindigen met het belang van de levenskunst een evenwicht te vinden tussen het komische en het tragische.

De cynische hoop van een journalist De Vroey, Bert

In Zimbabwe is een minibusje met achttien inzittenden een ravijn ingereden, er zijn geen overlevenden." Even checken bij Buitenlandse Zaken of er Belgen bij de slachtoffers zijn, anders hoeven we het niet te geven, geen nieuws. "In Irak heeft een zelfmoordaanslag het leven gekost aan vijftien Iraakse burgers." Vijftien? Te weinig, geen nieuws meer. "Volgens een VN-rapport blijft de kindersterfte in Azië dalen." Mmm, teveel cijfers, en bovendien: de trend zet zich door, geen nieuws dus. Als de kindersterfte opnieuw gestegen was, ja dán... Op een nieuwsredactie zit cynisme ingebakken in het dagelijkse werk. Een cynisch soort beoordeling van de nieuwswaarde van gebeurtenissen is een normale, zelfs professionele ingesteldheid van de journalist/eindredacteur. En toch heb ik niet het gevoel dat mijn nieuwscollega’s allemaal zwartgallige cynici zijn. Integendeel, ik ken er een paar die, op hun eigen journalistieke wijze, behoorlijk ‘geëngageerd’ zijn.

Het belang van samenspel op school. Tussen droom en daad Van de Vel, Paul

In het onderwijs gaat het in wezen om participatie. Zonder participatie is een echt leerproces onmogelijk. Het verlangen om deel te nemen aan een proces waarin er een openheid is om zich iets eigen te maken, is essentieel. In die zin is ‘participatie’ een doel op zich in het onderwijs.

In het concrete, dagdagelijkse schoolleven bestaat die fameuze participatie in heel veel vormen en bots je onmiddellijk op een aantal grenzen. Mogen leerlingen inzage hebben in de begroting van een school? Mogen leerlingen mee hun evaluatiesysteem bepalen? Wat doe je met de participatie van leerlingen die schoolmoe zijn, met jongeren die het ondertussen allemaal wel gezien hebben in dat schoolsysteem, er geen heil van verwachten en er van op de zijlijn schamper, cynisch op schieten?

Paul Van de Vel probeert enkele antwoorden te formuleren vanuit zijn ervaring als leraar in de technische en beroepsafdelingen in de laatste graad van het secundair onderwijs (16-18 jaar).

Hoon en hoop. Cynisme en (on)geloof in mystagogisch perspectief Smeets, Wiel

"Wat gek dat iemand die zegt niet in ‘God’ te geloven, wel last kan hebben van ‘God’?" Woorden van mijn promotor prof. Hein Blommestijn nadat hij gespreksverslagen had gelezen van ‘ongodsdienstige’ jongeren die met mij op abdijweekend waren geweest. De godsdienstpsycholoog Vergote constateerde ook al een dergelijk "merkwaardig misprijzen" van christelijk geloof door ongelovige jongeren. Waarom weerlegt de ongelovige niet simpelweg de kennelijk onjuiste meningen over de wereld en de mens? Waarom misprijzen en spot?

In deze bijdrage geeft Wiels Smeets een antwoord op deze vraag. Bovendien komt hij tot een aantal aanbevelingen voor spirituele jongerenbegeleiders om cynisme en (on)geloof bij jongeren te benaderen. De titel van deze bijdrage spreekt over een ‘mystagogisch perspectief’. Daarmee bedoelt de auteur: met uitzicht op het stimuleren van het spiritueel potentieel van jongeren. Eerst schetst hij kort het pastorale probleem van ongeloof bij jongeren en een pastorale benadering die een oplossing biedt: mystagogisch jongerenwerk. Dan duidt hij cynisme en (on)geloof bij jongeren vanuit een op mystagogie gerichte optiek. De auteur sluit af met enkele conclusies met het oog op mystagogie met (on)gelovigheid en cynisme bij jongeren.

Wie niet voelt, leeft niet Merckx, Marianne

Het kan raar lopen. Ik was op zoek naar mensen die, omwille van hun situatie, cynisch hadden kunnen zijn, maar het toch niet werden. Als lid van de redactieraad kwam de vraag of ik mogelijk zulke mensen kende voor dit themanummer rond cynisme en hoop. Ze zouden vast wel te vinden zijn bij de jeugdorganisatie waar ik werk. Want daar is de spanning tussen complexe, niet oplosbare, groeiende problemen enerzijds en de druk van bezuinigingen en alles wat dat met zich meebrengt anderzijds een spagaat waar velen mee worstelen. Toch kom ik daar weinig cynische mensen tegen. Ik moet bekennen dat ik ze niet durfde te vragen, omdat ik zie hoe vol hun agenda’s zijn en hoe weinig ze erbij kunnen hebben. Bovendien is het nogal een vraag: Vertel eens hoe het komt dat je niet cynisch bent geworden! Dat merkte ik ook toen ik het iemand, die ernstig ziek is, na lang aarzelen toch vroeg. De vraag maakte veel bij haar los. Uiteindelijk lukte het haar niet nu haar verhaal op papier te zetten.

Maar de vraag zette ook mijzelf aan het denken. Ik realiseerde me dat ik vooral buiten mezelf had gezocht. Terwijl het spanningsveld tussen cynisme en hoop evengoed met mezelf te maken heeft!

Het is alsof ik in de zon kijk Schreurs, Judith

Hoe blijf ik hoopvol en word ik niet cynisch? De vraag prikkelt. Ik heb gelukkig niet veel talent voor cynisme, geloof ik. Wel bemerk ik de laatste jaren wanhoop bij mezelf. Ik ben het uitzicht op betere tijden vaak kwijt. Deze vraag is een goede gelegenheid voor mezelf om de balans op te maken.

Rechtop blijven in de vloedgolf Deruwe, Wouter

Er viel een overlijdensbericht in de bus. Maarten, een jongeman van 23 had zich het leven benomen. Het was vijf jaar geleden dat ik van Maarten nog iets had gehoord. Daarvoor, toen hij nog leerling was op de school waar ik leerlingbegeleider was, hadden we af en toe met elkaar gepraat. Maarten was een intelligente jongen die de valsheid in zijn omgeving doorzag en daar als zoekende geen blijf mee wist. Eigenlijk had hij veel mogelijkheden in zich om in de maatschappij daadwerkelijk iets positiefs te gaan betekenen, maar de nabije voorbeelden van gekonkel en machtsmisbruik maakten het hem moeilijk daarin te geloven, laat staan de weg er naartoe te vinden. Vijf jaar later waren de verwardheid, dubbelheid en verleidingen van deze wereld Maarten onleefbaar geworden.

Ik ging naar zijn begrafenis. Die was mooi. In een ruime, lichte kerk in arenavorm. Volgestroomd met verdriet, maar vooral met ... vertwijfeling. Ziende als ik ben, kwamen honderden zelfmoordvragen op mij af. Minstens de helft van de jonge mensen daar stonden de levensangst en de radeloosheid op het gezicht en waren van hun lichaamshouding af te lezen. Elk verst(r)ikt in het eigen zoeken naar zin en geluk. De vloed aan levens- (of zeg maar: doods-)vragen spoelde over mij heen. Ik werd nat van tranen om het verdriet en de uitzichtloosheid van zovelen. Voor mezelf bleef alleen de vraag: Hoe blijf ik hierin overeind? Wat heb ik hier nog te bieden? Niemand die echt iets vroeg, niemand die letterlijk mij te hulp riep, niemand zelfs die maar zijn eigen vragen uitsprak. Alleen een appèl: wat kan mijn aanwezigheid, hier of in de grote door ellende overspoelde wereld, dan betekenen wanneer ik niets kan ‘doen’?

Blauw Verscuren, Ann

Op weg naar Kroatië Een staalblauwe lucht hangt strak gespannen over de resten van concentratiekamp Dachau. Het is bijna cynisch. Je zou willen dat het regent of dat er mist hangt, zodat de hemel tenminste lijkt mee te huilen om wat zich daar beneden ooit afspeelde. Maar nee, ik loop onder een koepel van hemels-blauw, prachtig-blauw, zomers-blauw. De zomer gaat door, de schoonheid gaat door én de herinnering aan het allerergste gaat door. Ik loop de hele tijd ‘nee’ schuddend over het terrein. Het is zo ongerijmd en toch zijn ze met elkaar verbonden. Pas als we terug keren naar de auto en ik nog eens naar boven kijk, kan ik even ‘ja’ knikken. De hemel boven ons is immers ook vergeet-me-nietjes-blauw.

Kroatië - aan de Adriatische kust Naast ons ligt de zee. Ze rimpelt in de baai als een blauwe deken die je niet helemaal glad gestreken krijgt. Ons pensionnetje heeft geheel terecht de naam 'Mali Raj' - Klein Paradijs meegekregen. En toch: het is bijna cynisch als je in de muren van het paradijs de witgemetste steen ziet . Een witte steen met een naam en twee jaartallen. De zoon van onze gastheer was twintig toen hij in de oorlog is omgekomen. Als je het weet, dan zie je hoe zijn vader die steen meedraagt, dan zie je hoe zwaar die op zijn schouders weegt. Wij zitten op het terras, het water knabbelt bijna aan onze voeten. In afwachting van de vis en de calamari, masseer ik de schouders van het gezelschap aan tafel. We zijn die dag met z'n allen gaan zeekayaken. Toen leek het wel of die blauwe deken uitgeschud werd - en wij erbij. Stijve spieren alom dus. Onze gastheer kijkt met een glimlach toe vanuit de deur van de keuken, zijn handen achter zijn rug. Na ons maal zet ik hem met zachte dwang op een stoel en kneed zijn schouders. "Dat er even iets lichts over hem mag komen", wens ik. Na mijn behandeling glipt hij weg, zonder iets te zeggen of me aan te kijken. Maar even later duikt hij weer op, als een verlegen schooljongen, met de grootste granaatappel uit de tuin in zijn handen. Als een rode kerstbal schittert hij, net als zijn ogen. Er komt iets lichts over mij.
 

Heilseconomie Hoogeveen, Piet

De Wereldbond van Hervormde en Gereformeerde Kerken (de WARC) gaf in 2004 een verklaring uit waarin de (neo)liberale wereldeconomie stevig onder vuur werd genomen. Het stuk, opgesteld in de Ghanese hoofdstad Accra, werd onlangs in de generale synode van de Protestantse Kerk in Nederland besproken. Niet iedereen was even enthousiast over wat in de verklaring naar voren werd gebracht. Dat acceptatie van de huidige economische orde een daad van ongeloof zou zijn, viel lang niet overal in goede aarde. En of de kansel wel de aangewezen plek is om op te roepen tot een verantwoord consumptiepatroon, daarover viel te twisten.

De bevrijdingstheologie lééft. Naar aanleiding van "De spiritualiteit van water" van Marcelo Barros Van Tente, Marc

Volgens kardinaal Ratzinger, nu paus Benedictus XVI, is de bevrijdingstheologie ‘in elkaar gezakt’, aldus Schillebeeckx in een recent interview. En hij voegt eraan toe: ‘Ja... door zijn optreden. Maar de bevrijdingstheologie bestaat nog hoor. Het gaat gewoon door. Dat heeft te maken met de manier waarop de bevrijdingstheologie ontstaan is. Gustavo Gutierrez zegt het zelf in zijn eerste boek: eerst was er de beweging van onderuit en daarover zijn wij gaan reflecteren. De bevrijdingstheologie is ontstaan als reflectie op wat er gebeurde.’

Na jaren stilte komt de bevrijdingstheologie, zij het met nieuwe accenten, opnieuw in de aandacht. In 2004 was het vijf jaar geleden dat dom Hélder Câmara overleed, de kleine vinnige bisschop van Recife die de voorkeuroptie voor de armen in zijn leven centraal had gesteld. Vanuit die optie oefende hij een constante invloed uit op de toenmalige bisschoppenconferenties van Latijns-Amerika, op de opkomende christelijke basisgemeenschappen en op de beweging van bevrijdingstheologen sinds de 70er jaren. In mei van dit jaar getuigde Marcelo Barros, monnik van een kleine benedictijnse priorij te Goiás, Brazilië, in Vlaanderen van de vitaliteit en creativiteit van de huidige bevrijdingstheologie en –spiritualiteit in Brazilië. Op academisch niveau kwam de bevrijdingstheologie ter sprake naar aanleiding van het emeritaat van Georges De Schrijver, professor aan de KULeuven. Onlangs lanceerde de beweging ‘Christenen voor het Socialisme’ een electronisch ‘Bollettino’ dat recente bijdragen van bevrijdingstheologen beschikbaar stelt.

Bij psalm 17 Staes, Karel

Deze kreet komt mij uit het hart - hoe zou ik liegen? - de klacht is al te hard, ik houd het immers niet, mijn pijn is veel te rauw voor kronkelwegen

Ga ze dus maar na, mijn God, al mijn uitgespuwde woorden, laat niet na ze door te wegen: Gij en Gij alleen, Gij kent mijn wegen, zelf ben ik door vuur gegaan en genadeloos getrouw liet Gij mij gaan zo kwam ik U wantrouwig op het spoor, in nacht en ontij hebt Gij mij bij U gebracht, uitgezuiverd trouw geworden

dus kan ik tot U roepen om een antwoord op mijn kreet, wees opnieuw mijn weg, want naar U alleen kan ik nog vluchten, mij onttrekken aan de vlammen van de dood. Teveel mensen jagen nagelnieuw op mij door voorbij te gaan aan wie ik ben, wil worden... ze weigeren mij te zien, zien niet naar mij om en weerloos word ik, een verloren kind in wervelwind van tegenzin

keer de kansen, sla hun machten van mij af, maak mij los van wie mij dag na dag regeren, ontdoe mij van mijn oude ik... dat alles wil beheren

ik wil mij grondig naar U keren, doe mij nog maar over houden, wie ik echt wil zijn eindeloos in U behouden, waak voortaan over al mijn komen en mijn gaan doe mij zacht ontwaken in een nieuw bestaan.