Login
Wachtwoord vergetenn
Wachtwoord vergeten close

Edward

Het is een hoogbejaarde Schillebeeckx van wie we afscheid nemen. Zijn dood komt niet onverwacht. De laatste jaren diende hij zich nauwlettend te houden aan de medische adviezen die hem met zorg werden verstrekt. Maar zelfs in die periode hield zijn spreekwoordelijke werklust hem intellectueel actief. Hij was vooral bezig met het laatste boek dat hij zo graag had afgewerkt. Over de sacramenten. Typerend voor een theoloog die steeds een bijzonder gevoel heeft gehad voor de tekenen van de tijd. Toen zijn ziekte hem de laatste maanden steeds meer in de greep kreeg, besefte hij dat het hem niet meer zou lukken. Naar eigen zeggen probeerde hij zijn belangrijkste gedachten hierover samen te brengen in een laatste verzameling van zijn preken.

Het zijn vooral gevoelens van dankbaarheid en van vriendschap die leven in de harten en de geesten van zijn confraters en familie en van de ontelbare mensen die hem op de een of andere manier hebben gekend. Niet verwonderlijk voor iemand die zelf zo royaal dankbaarheid en vriendschap heeft uitgestraald.


Edward werd geboren in 1914 in Kortenberg als zesde in een gezin van veertien. Hij heeft altijd met veel warmte gesproken over het gezin waarin hij mocht opgroeien. Na zijn middelbare studies in Turnhout trad hij in bij de Dominicanen. Ofschoon hij kennis had genomen van andere grote ordestichters was het vooral de openheid naar de wereld die hem bij de Dominicanen aansprak. Die betrokkenheid op de cultuur zou ook een rode draad worden doorheen zijn theologische werken. Tijdens zijn studies filosofie te Gent zou hij vooral de invloed meekrijgen van zijn confrater en leermeester Domien De Petter. Deze bracht hem als jonge student niet alleen in contact met de nieuwe strekkingen in het filosofisch denken, hij zette Edward tevens op het spoor van de nieuwe inzichten die door de menswetenschappen werden aangebracht. Aan deze periode heeft hij altijd met genoegen terug gedacht. Dat was heel anders voor de daaropvolgende theologische studies te Leuven. De saaiheid van de gesloten mentaliteit die daar heerste heeft Edward nooit verbloemd. Zijn studietijd in Parijs die hierop volgde was dan weer een echte opsteker. Vooral de Dominicaanse theologen Marie Dominique Chenu en Yves Congar zouden een grote indruk op hem maken en zijn belangstelling voor de geschiedenis van de theologie voorgoed levend houden. In deze periode maakte hij ook uit eerste hand kennis met de existentialistische filosofie. Het was met name Albert Camus die hem als theoloog confronteerde met de problematiek van het lijden.


Na enkele jaren theologie te hebben gedoceerd aan het Dominicaans studiehuis te Leuven werd hij door de algemene overste van de Dominicanen gevraagd om naar de nieuw opgerichte theologische faculteit te Nijmegen te komen. Hier zou hij als theoloog ten volle aan zijn trekken komen. Hij doorbrak het statische scholastieke denken en baande samen met anderen de weg naar een actieve dialoog met de ontwikkelingen die zich in de wetenschap en in de samenleving voordeden. Het was de vooravond van Vaticanum II. Ofschoon hij niet als officieel peritus mee ging speelde hij een heel belangrijke rol tijdens deze kerkvergadering. Hij lag mede aan de basis van de nieuwe visies op de kerk en de samenleving die toen ingang vonden en die velen vervulden met de hoop op een nieuw elan in de kerk. In de periode die volgde op het concilie verwierf hij wereldfaam als vernieuwend theoloog die de traditie op creatieve wijze wist te betrekken bij actuele denkstromingen.

Het waren ongetwijfeld zijn Jezusboeken die in brede kringen een ware doorbraak betekenden. Vooral zijn eerste boek in deze reeks “Jezus, het verhaal van een Levende” haalde opvallend veel belangstelling. Ofschoon deze indrukwekkende studie door inhoud en taal niet direct toegankelijk was voor de gelovige “Jan met de pet”, werden de vernieuwende inzichten gelukkig door veel theologisch geschoolde mensen in verstaanbare termen vertaald naar een breed publiek. Het boek werd zelfs in Rome gelezen, waar het niet altijd goed begrepen werd. Edward was echter steeds tot nadere verklaring bereid. Na zijn eerste Jezusboek ging het logisch verder naar een vernieuwend kerkbeeld en een nieuwe visie op het kerkelijk ambt in zijn volgende boeken.


De naam Schillebeeckx werd slechts door een kleine minderheid binnen de kerk niet graag gehoord. De grote meerderheid van zowel theologen als pastoraal werkenden en van veel gelovigen herkende in de grondlijnen van zijn denken een volgehouden poging om geloof en cultuur, geloof en wetenschap samen te houden in een spanningsvolle verhouding van wederzijdse kritische bevraging en bevruchting. Zijn bekendheid beperkte zich echter niet tot de kerkelijke wereld. Ook daarbuiten werd hij door velen geëerd en bewonderd om de moed van zijn eerlijk denken. Hij zocht geen sensatie, maar maakte zijn inzichten wel ongecensureerd kenbaar. Er kon voor hem geen conflict zijn tussen eerlijk wetenschappelijk onderzoek en loyauteit ten aanzien van de kerkgemeenschap.

Ofschoon hij helemaal geïntegreerd was in de Nederlandse Dominicanengemeenschap en in de Nederlandse kerk, is hij ook steeds zijn Vlaamse wortels en achtergrond blijven erkennen. Dat bleek uit de hartelijke ontmoetingen die hij bleef onderhouden met heel wat Vlaamse confraters en gemeenschappen. Als theoloog mag hij nu reeds tot de groten gerekend worden. Hij zal minstens even zeer herinnerd worden in de dankbare herinnering van velen als een bescheiden maar lieve man, een medebroeder die een grote indruk nalaat.


Ignace D’hert