De Sacramenten - een nieuwe interpretatie?
22/10/2000
Godelieve Van den Bosch
[email protected]
In Christus wordt God zichtbaar
onder ons: "Wie mij ziet, ziet de Vader...". Christus is dan ook
het sacrament, het teken van God onder ons. Aan zijn Kerk geeft Christus de taak
sacrament te zijn van Gods liefde, een teken te zijn als het ware van Gods
liefde in deze wereld.
Het hele leven van Jezus stond in het teken van de liefde. Met heel zijn
leven heeft hij ons willen duidelijk maken dat wij in de liefde en alleen in de
liefde zin en betekenis aan ons leven kunnen geven. Zonder liefde is ons leven
zinloos en vruchteloos.
Als we het daar over eens zijn, laten we dan eens het laatste avondmaal onder de
loupe nemen. Het laatste avondmaal waar Christus, volgens de traditie,
of de leer van de kerk, het sacrament van de eucharistie en het priesterschap
instelde.
Wat gebeurde er daar? Jezus waste de voeten van de apostelen en zei: "Begrijpt
ge wat ik u gedaan heb? Gij spreekt mij aan als Leraar en Heer, en dat doet ge
terecht, want dat ben ik. Maar als ik, de Heer en Leraar, uw voeten heb
gewassen dan behoort ook gij elkaar de voeten te wassen. Ik heb u een voorbeeld
gegeven opdat gij zoudt doen zoals ik u gedaan heb."
In een symbolisch gebaar wil Jezus nog eens duidelijk maken waar het in het
leven omgaat, het slaat terug op wat hij vroeger op verschillende manieren reeds
zegde, o.a.: "Wie zijn leven vindt zal het verliezen en wie bereidt is zijn
leven te verliezen om mijnentwille, zal het vinden."
Dan, aan tafel, neemt hij brood en wijn en deelt het met zijn vrienden.
Brood en wijn als tekenen van leven. Dit brood, zegt hij, is mijn lichaam,
gebroken voor u. Deze wijn, is mijn bloed uitgegoten voor u. Doet
dit tot mijn gedachtenis.
En hier komt de grote vraag...
Wat heeft Jezus nu eigenlijk bedoeld? Is het zo dat hij dit letterlijk,
bedoelde? Of zou het wel eens kunnen dat hij, gezien het hele kader van zijn
leven, waarin hij voortdurend geprobeerd had duidelijk te maken dat het om de
Liefde gaat, en dat alleen de liefde ons tot de Liefde (zijn Vader en onze
Vader-Moeder) kan leiden, ons nog maar eens duidelijk wilde maken, op de avond
voordat zijn lichaam zou gebroken en zijn bloed vergoten worden, dat alleen als
wij als gebroken brood en geschonken wijn zijn voor elkaar, de Liefde (God)
onder ons kan en zal zichtbaar, voelbaar aanwezig zijn?
Terugblikkend op de geschiedenis kan men verstaan waarom het allemaal zo
bovennatuurlijk moest zijn en hoe men het trachtte te verklaren door een theorie
van de 'transsubstantiatie'. Daarmee is Christus wel ver boven en buiten
de realiteit van ons gewone aards leven geplaatst.
Moet er geen nieuw verstaan van de sacramenten komen???
De sacramenten worden als de mijlpalen in het christelijk leven beschouwd.
En de eucharistie als de kern. En dat zijn ze ook maar niet zoals men ze
ons voorschotelt tot op de dag van vandaag.
Waar denk ik dat het schoentje
wringt?
De sacramenten worden gevierd als heilige momenten waarin we Christus ontmoeten
en die dan ook, vanzelfsprekend, de kracht van Christus in zich dragen,
want hij is er toch, in de letterlijke zin, in aanwezig... .
Men vertrekt nog altijd vanuit de gedachte dat het toedienen van de sacramenten
op zichzelf een kracht zou bezitten, de kracht van Christus die er in
tegenwoordig is.
Maar veronderstel, dat bovenstaande zienswijze betreffende de betekenis van
Jezus woorden op het laatste avondmaal, de juiste is. Laat ons van daaruit de
sacramenten eens bekijken.
Als het zo is dat Jezus bedoelde: Ik ben bij u, mijn Vader is bij U als gij het
brood met elkaar deelt. Daar zal ik tastbaar, voelbaar aanwezig zijn.
Hoe vieren wij dan eucharistie???
In de vroege kerk werd men eerst catechumeen, d.w.z., leerling. Het
was een tijd van kennismaking, een tijd om Jezus en zijn manier van leven
te leren kennen. En als men ontdekt had dat inderdaad die weg van Jezus, de weg
naar het heil was - ik zou het vandaag anders zeggen, als ik ontdekt had dat de
weg van Jezus de enige weg naar een menswaardig leven in een menswaardige
maatschappij is - dan werd die leerling gedoopt, gevormd en kon hij deelnemen
aan de eucharistie. Er had al een ontmoeting plaats gehad tussen Jezus en de
catechumeen, er was al een relatie gegroeid.
De sacramenten kunnen maar die hoogtepunten in het christelijk leven zijn als ze
de uitdrukking betekenen van iets dat reeds een werkelijkheid is, het sacrament
van het huwelijk is daar wel het beste voorbeeld van.
De sacramenten kunnen maar 'werken' als we er zelf achter staan, als we er
willen door beamen dat inderdaad we verlangen 'kind van God' te zijn, open
te staan voor de kracht van de Geest, en als gebroken brood te willen
leven. Dan pas worden het vieringen waar Christus werkelijk tegenwoordig
is.
Maar de sacramenten worden nog altijd toegediend als ware ze toverformules die
vanzelf werken.
Vanuit dat denkbeeld is het te verstaan waarom Christus tegenwoordig
stellen in de eucharistie alleen maar kan en mag gebeuren door iemand die gewijd
is, of die persoon nu door zijn manier van leven ook probeert gebroken brood te
zijn of niet is niet zo belangrijk...
Werden de woorden van Jezus op het laatste avondmaal werkelijk door de apostelen
achteraf verstaan in die letterlijke betekenis als wij ze vandaag kennen?
In het verhaal van de twee leerlingen op weg naar Emaus lezen we dat ze Jezus
pas herkenden als hij het brood voor hen brak... Zegt dat verhaal ons weer niet,
dat waar wij brood breken voor andere zij daarin de mens-geworden Liefde kunnen
herkennen? Is het niet dat wat we vieren in de eucharistie?
Hebben de sacramenten een niet veel grotere kracht als we ze op die andere
manier interpreteren? Raken ze dan ons leven niet veel echter? Doet het afbreuk
aan de tegenwoordigheid van Christus in de eucharistie? Of, integendeel, wordt
ze er niet echter mee?
Het is toch wel heel paradoxaal: Christus is gekomen om onder ons, in
mensengedaante, in mensentaal, in verhalen, duidelijk te maken waar het in
het leven om gaat. Geleerden en gewone huismoeders konden zijn taal
verstaan; het werd inderdaad als bevrijdend en goed nieuws ontvangen. Maar door
de jaren heeft men zijn leer omwonden met liturgieën en dogma's etc. en
hem ver boven en buiten bereik geplaatst met theorieën zoals o.a. de
transsubstantiatie. Velen hebben in het verleden niet veel van dat goede nieuws
ervaren, integendeel, velen ervoeren het als een juk in plaats van
bevrijdend en leven-gevend.
Ik begrijp hoe dit, vanuit de geschiedenis, gegroeid is en wil geen verwijten
sturen naar het verleden. Maar ik heb het er wel moeilijk mee dat we in dat
verleden blijven steken en niet in het heden willen leven in de kerk.
Is het dan verwonderlijk dat de kerken leeglopen... De taal van onze mooie
liturgiën wordt niet verstaan. Het mag dan prachtig zijn maar als het niet
verstaan wordt, als ze het leven niet raken, waartoe dient het dan?
Is het dan zo verwonderlijk dat mensen die gegrepen zijn door de Blijde
Boodschap op zoek zijn om die boodschap door te geven op een manier die midden
in het leven staat en die begrijpelijk is voor mensen die de kerk achter zich
gelaten hebben. Zij willen de kerk niet verlaten, zij willen geen scheuring.
Ook Christus scheurde zich niet af van het jodendom, maar ook zijn vernieuwende
taal werd door de leiders als een bedreiging van het geloof beschouwt... Is
hetzelfde niet aan het gebeuren nu?
Aan wie moeten wij trouw zijn? Aan de kerk omdat zij door Christus ingesteld is
om de blijde boodschap te verkondigen? Wie of wat is de kerk? Is het haar leer?
De apostelen klaagden ook dat er anderen waren die niet tot hun groep behoorden
en die toch wonderen deden in Zijn naam. Wat antwoordde Jezus? ...
Ja, er zijn mensen, die opgegroeid zijn in de schoot van de kerk, die wensen
trouw te blijven aan de kerk maar niet als die trouw betekent niet te kunnen
getuigen op een zinnige manier.
Er komen geen jonge mensen meer naar voren om priester te worden... Staat of
valt het christelijk geloof of leven met het al of niet aanwezig zijn van
priesters? Hangt het christelijk geloof werkelijk af van het toedienen van de
sacramenten? Kan het dan toch niet zijn zoals Mgr. Van Cauwelaert zegde in een
interview: "Waarom kunnen zij die het werk doen niet gewijd worden?"
Als men dan toch wil blijven vasthouden aan die wijding.
Dit zijn bedenkingen neergeschreven als het gevolg van 20 jaren praktijk in de
pastoraal en catechese, van intens bezig en bekommerd geweest te zijn om de
boodschap van Jezus door te geven in een verstaanbare taal voor gewone mensen.